Geschiedenis

Het echtpaar Pieter Soury, burgemeester van Zwolle, en Aleijda Wolfsen, schilderes, bepaalden rond 1680 voor een belangrijk deel de vormgeving van dit huis aan de Grote Aa. De ‘Grote Sael’ (nu de regentenkamer), een gang die versierd werd met houtsnijwerk van bloemenslingers, een schouw met gesneden vruchtenslingers en de marmeren vloeren zijn in hun opdracht gemaakt.

Het pand werd in 1706 door de gezusters Greve gekocht. Na de dood van Aleida Greve werd het huis in 1742 volgens haar laatste wil tot (Oude) Vrouwenhuis verbouwd.

Stichting het Vrouwenhuis is het laatste hofje van Zwolle, gesticht door een particulier, dat nog het oorspronkelijke pand bezit en voor een deel nog wordt bewoond. De begane grond is een museum en op afspraak geopend.